Een reis door de Natuurparken Eifel en Our.

De leisteenmijn van Fell bij Trier.

Het weer was vandaag wat minder en we hebben een hoosbui onderweg gehad. Goed weer om iets te gaan bezoeken wat niet zo weergevoelig is en deze mijn stond nog op mijn verlanglijstje.

Helaas was de kopermijn in Stolzembourg alleen voor groepen toegankelijk want die had ik graag gezien. Maar een leisteenmijn is zeker zo interessant. Hier werd sinds de Romeinse tijd leisteen gewonnen. Dit werd toen voornamelijk gebruikt voor opbouw en staldaken. Pas in de middeleeuwen ging men het veel meer als dakbedekking gebruiken. Nu nog zie je in de omgeving Luxemburg Duitsland erg veel leisteendaken. Want de zwart/blauwe (en ook groen/rode) leisteen is niet aan verweer of erosie onderhevig. Gebouwen die het hebben hoeven het nooit te vervangen en het blijft eeuwenlang bestaan in de oorspronkelijke vorm.

Dit dak van de toren van Bourscheid is dus met leisteenplaatjes afgedekt. Maar je ziet dit ook veel bij huizen en kerken. Dit zijn kleine leisteenplaatjes die in mallen zijn gemaakt van leisteenstukken. Er ontstond erg veel leisteenafval mee. Dat werd soms weer hergebruikt in de mijn om te stutten of het werd op een berghelling gegooid. Zo ontstond een prima leefgebied voor blindslangen en hagedissen. De zwarte leisteen houdt namelijk goed warmte vast.

De leistenen bodem in dit gebied zorgt daarom ook voor zo'n succesvolle wijnbouw. De moeselwijnen vanwaar de druiven op leisteen zijn gekweekt, zijn heerlijk en herkenbaar van smaak. De bergwanden hier staan  vol met wijngaarden i.p.v. met korenvelden.

Het mijnendal kent wel 40 mijnen waarvan er nu nog slechts enkelen in gebruik zijn. Het werken in de mijn is zwaar en ongezond. Vroeger had men weinig verlichting. niet meer dan wat fakkels en stormlantaarns en het geflits van de springstof. Mensen maar  ook oudere kinderen werkten lange dagen in de mijn zonder daglicht te zien en de zware leisteenplaten en brokstukken moesten in eerste instantie met sjouwen getransporteerd worden. Later kwam er een railsysteem in de 19de eeuw, echter die karretjes moesten dan door een man of twee worden geduwd..paarden waren veel duurder.

De mijnbouw was zwaar en (dodelijke) ongevallen kwamen regelmatig voor. Er werd van wanden en plafonds gehakt en met springstof gewerkt. Niet zonder risico dus. Platen leisteen (wat van nature in lagen is opgebouwd door zeesedimenten die onder druk zijn ontstaan) zijn van natuurlijk materiaal en onvoorspelbaar in breken en loskomen. Regelmatig kwamen hele stukken of platen los van plafonds of wanden. Men stutte niet met houtwerk zoals men dit in kolenmijnen wel deed, dit kon vaak niet door de structuur van de platen. Het  knallen van de springstof leidde tot gehoorschade.

Het ongezonde aspect lag verder niet in gasvorming of chemisch schadelijke stoffen zoals bij andere mijnbouw vaak wel het geval was. Maar de lei vergruisde makkelijk tijdens het werken en dat veroorzaakte stoflongen, door gebrek aan daglicht en eenzijdige voeding onstond een vitamine gebrek. Dit resulteerde in dwerggroei en vergroeingen in de rug (scoliose) bij de mensen en met name de kinderen. Denk aan het sprookje Sneeuwwitje en zeven dwergjes. De dwergjes komen hier dus vandaan. Kijk eens naar het gereedschap van dwergen. De pikhouwelen en kaarslampen. Zo onstonden dwergen in sprookjes.

Reumatische aandoeningen door de vochtige en koude lucht ondergronds waren bekend fenomeen. Ik had het zelf behoorlijk fris (13 graden) en ik moest er niet aan denken zo lang onder de grond te moeten blijven. Ik vond een uur al spannend genoeg. Op een goed moment zaten we 70 meter diep.. en ik hoopte vurig dat er geen aardbeving zou komen..Vleermuizen daarentegen overwinteren graag in deze mijngangen. Door de constante temperatuur en tochtvrije omgeving, is dit een ideale plaats om een winterslaap te doen van oktober tot april.

De mijnwerkers hoopten altijd op een veilige thuiskomst. Ze hebben dan een beschermheilige: de heilige Barbara. Zij werd door haar vader opgesloten in een toren en werd door God bevrijdt. Mijnwerkers kennen het opgesloten gevoel maar al te goed vandaar dat ze zich tot Barbara wenden. Er staan ook diverse heiligenbeelden van haar in mijnen waar kaarsjes gebrand werden.

De kinderen die nog te jong waren om te werken brachten 's middag soep en eten dat hun moeders maakten, naar hun vaders en broers. Hiervoor moesten ze altijd het laatste uur school verzuimen en eigenlijk mocht dit niet. Men liet het oogluikend toe.

Het was een spannende rondleiding die met een Nederlandse beschrijving goed te volgen was. Deze krijg je bij de entree als je je tickets koopt.

Het was leuk, leerzaam, spannend en interessant.

Reacties

Reacties

Frank Musquetier

Prachtige foto! De mijn doet mij denken aan de kolenmijn die ik dit jaar in Maastricht heb bezocht. Interessant om te weten waar de kabouters vandaan zijn gekomen!

{{ reactie.poster_name }}

{{ reactie.message }}

Reageer

Vul onderstaande velden in om een reactie te plaatsen op dit verhaal.

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!